"Heer, naar wie zouden we gaan? Gij hebt woorden van eeuwig leven."; Johannes 6,68



Vul Uw e-mail in


Bevestig Uw e-mail

















 

NEGENTIENDE ZONDAG DOOR HET JAAR
Overweging bij de lezing van vandaag
Origines (ca 185-253), priester en theoloog
Commentaar op het Evangelie volgens Mattheus, 11, 6 ; PG 13, 919

"Waarachtig, U bent de Zoon van God"

      Als wij ons goed gehouden hebben gedurende de lange uren van de nacht tijdens de ogenblikken van beproeving, en als we ons best hebben gedaan in de strijd..., laten we er dan zeker van zijn, dat tegen het einde van de nacht, "als de nacht is voorbijgegaan en de dag nabij is gekomen" (Rom 13,12), de Zoon van God naar ons toe zal komen door over het water te lopen. Als we Hem zo zien verschijnen, zullen we door vrees bevangen worden, totdat wij duidelijk zullen begrijpen, dat het de Verlosser is die naar ons toekomt. We zullen eerst nog denken dat het een spook is en zullen gillen van angst, maar Hij zal meteen tot ons zeggen: "Heb vertrouwen, Ik ben het, vrees niet".

      Misschien dat die geruststellende woorden een Petrus in ons, die op weg is naar de volmaaktheid, laat opstaan. Petrus die uit de boot stapt, en die er zeker van is dat hij aan de beproeving die hem verwarde, ontsnapt is. Allereerst doet zijn verlangen om Jezus tegemoet te gaan hem over de wateren lopen. Maar zijn vertrouwen was nog niet erg sterk, hij twijfelde en bemerkte "de kracht van de wind", hij werd bang en begon te zinken. Toch ontsnapte hij aan dit ongeluk, want hij schreeuwde naar Jezus: "Heer, red mij!" En nauwelijks zal die andere Petrus gezegd hebben "Heer, red, mij" of het Woord strekt zijn hand uit om hem te komen redden, en zal hem vastgrijpen op het moment dat hij begint te zinken en zal hem zijn gebrek aan vertrouwen en zijn twijfel verwijten. Merk op dat Hij niet heeft gezegd: "Ongelovige", maar "kleingelovige", en dat er geschreven staat: "Waarom twijfelde je?" dat wil zeggen: "Je had wel wat geloof, maar je liet je meeslepen in tegengestelde richting". En daarna zullen Jezus en Petrus de boot instappen, de wind zal gaan liggen en de passagiers die begrijpen aan welk gevaar ze ontsnapt zijn, zullen Jezus aanbidden en zeggen: "Werkelijk, U bent de Zoon van God". Die woorden worden slechts door de leerlingen die dicht bij Jezus staan uitgesproken.



 
©Evangelizo.org 2001-2017